Tilburg Virtueel

...in cultuurbreedste zin

TilburgZoap - Aflevering V

Hans van den Berk

 "Ja, ze is mooi. Als ze dood is laten we haar opzetten." De Peuter haalde zijn neus op en rechtte zijn schouders. Hij werd altijd ongemakkelijk van kwetsbare meisjes. Kreeg meteen last van vadergevoelens die scherp detoneerden met zijn permanent bonkende lust. Daarom ben ik ook nooit bij de zedenpolitie gegaan, bedacht Fons. Nee, dan maar de Binnenlandse Vuiligheidsdienst.

Hoewel zijn career move naar Tilburg bedoeld was geweest als degradatie, had hij het feitelijk beleefd als een vooruitgang. Zijn ervaring en discretie maakten dat hij snel opklom in de informele hiërarchie op het politiebureau. En dus moest hij geregeld op het stadhuis opdraven om middelbare mannen te helpen bij hun kleine besognes en kleffe indiscreties. Veel tijd kostten die zaakjes niet, tenminste tot een maand geleden.

De Peuter stuurde zijn Golf bij het wrattenzwijn naar rechts. Shittyring, boss? Yessir. Gek dat die jonge Marokkanen ook in Golfjes willen rijden, bedacht hij onwillekeurig. Zou het zijn omdat ze heimelijk bij de politie wilden horen? Imiteerden ze onbewust de wouten die ze zeiden te haten? Misschien wilden ze alleen maar zeker weten harder te kunnen rijden bij een achtervolging, wie zal het zeggen. Het zou het tunen en pimpen wel verklaren.

Vijf brandjes tegelijk. "De politie sluit brandstichting niet uit," had Fons in het persbericht laten zetten. De Brabantse Koerier was de humor echter ontgaan, men had het diendersproza braaf overgeschreven. Afgelopen november was hij er nog pissig over geworden maar nu kwam het de rechercheur wel goed uit dat er geen onderzoeksjournalistiek meer werd bedreven in het Tilburgse. Het besmeurde plafond boven de verbrande roltrap was mooi uit het nieuws gebleven, evenals de boodschap:

Dit Plein Is Niet Te Vreten, Het Is Ronduit Bescheten 

Toch was dit rijmpje precies de reden dat De Peuter nu full time met de zaak van de plafondschijter belast was. Instinctief wist hij direct dat er iets niet klopte. Twee en een half miljoen schade voor een roltrap? Hadden ze hem zeker afgewerkt met bladgoud. De Peuter was inmiddels in de Magazijnstraat gearriveerd en sjokte de parkeergarage in. "In een ware race tegen de klok zijn tientallen werklieden koortsachtig bezig de laatste hand te leggen aan de gestaag vorderende shopping mall." Ik moet toch eens wat minder in die krant lezen, mompelde Fons tegen zichzelf. Een bedaarde vijftiger was bezig een restje gereedschap op te bergen voor het weekend.

Vijf brandjes in een betonnen bunker. Geen explosie. Vernietiging was dus niet het doel geweest. Wat dan wel? Een blik langs de wanden bevestigde het vermoeden waarmee De Peuter wakker was geschoten. Vijf gloednieuwe bewakingscamera's bewezen dat de dader in zijn opzet was geslaagd. Hier wilde iemand niet gefilmd worden, zoveel was duidelijk. Maar waarom? Er zat niets anders op dan de dagelijkse loden gang naar Weemoed te maken. Contactuele vaardigheden, zeurde een stem in zijn hoofd. Analytisch vermogen. Teamverband kunnen werken. En kunnende zuipen, niet te vergeten.

De Kromme had hem niet zien aankomen, afgeleid als hij was door het mistroostige decolleté van de roodharige bardame. Ze draaide net een plaat om in de hoek. "Jammer dat ze geen heupen heeft," zette De Peuter de toon. "Twee bollekes dan maar weer?"
- "Hè ja, Beeldrijm op de Bar. Wrijf het maar weer in. Wat drijft je hierheen, Fonzo?"
- "De Pieter Vreedebrand. Het gangbare beeld is dat hier vandalen aan het werk zijn geweest. Maar mijn intuïtie zegt me dat iemand zich grondig onbespied wilde weten."
- "De pater voelt het aan zijn water, De Peuter voelt het aan zijn leuter."
- "Laat je fantasie eens werken, Kromme. Iemand steekt een parkeergarage in de fik om de bewakingscamera's te saboteren. Hoe dat zo?"

De Kromme fronste zijn wenkbrauwen en keek in zijn glas. De mannen lieten het gepruttel en geborrel van Paolo Conte even op zich inwerken. Toch wel fijn vroeger, die elpees, ging het door de rechercheur heen. Al was het maar omdat je nooit langer dan twintig minuten naar een artiest hoefde te luisteren. De plaat sloeg een keer over toen de Kromme diep inademde en lichtelijk hortend uitbracht:

- "Je hebt van die wethouders die af en toe even stoom willen afblazen."
- "Met een raadslid of zo. In de fietsenkelder." Ja, dat verschijnsel kende De Peuter wel. Niet dat hij het snapte want hijzelf werd juist impotent van stress maar dat deed er nu niet toe.
- "Waarom zouden alleen mannen last krijgen van dergelijke behoeftes. En verder hangt de hele binnenstad vol camera's."
- "Maar een kerkhof niet. En een wc evenmin. Je bent een kei, Kromme."

Iswandeful, iswandeful, iswandeful...

De Peuter liep met verende tred terug naar de Magazijnstraat
Chips chips...
toen hij bij de Heuvel met een doffe klap door een BBA-bus van lijn 4 tegen de grond werd gereden. Geheel onkundig van dit drama had De Kromme zich met een stinkende rugzak in beweging gezet.

Tekst: Hans van den Berk
Illustratie: Hjalmar van den Akker