Tilburg Virtueel

...in cultuurbreedste zin

TilburgZoap - Aflevering X


Hen Kuiper

“Ik loop letterlijk tegen de lamp”, vloekte de Kromme, “die klootzakken verblinden me gewoon”. Vervolgens vloekte hij nog harder, want of hij omhoog, omlaag, vooruit of achteruit keek, het steeds fellere licht danste gewoon mee: “Verdomme, dat licht brandt niet buiten op straat, maar binnen in mijn kop, zit tussen mijn oren”. Daarna zag De Kromme hoe die inwendige hallucinogeenlamp een niets verhullende schijnwerper werd op zijn ontspoorde leven.

“Mijn God”, sidderde hij, “uw woord is een lamp in mijn kop”.
De combinatie van drugs en alcohol leidde in zijn beleving tot een soort religieuze ervaring, een Godsontmoeting. En die God was bepaald niet het ‘Eeuwig Vrouwelijke’, zoals zijn onvergetelijke Celesta geloofde, maar een ‘hij’, een buitengewoon toornig heerschap. Het tegenovergestelde van de eeuwige zaligheid waarop Celesta doelde toen zij hem, ingeklemd tussen haar armen en benen, vroeg om te mediteren, geen enkele beweging meer te maken.
“Was ze nu nog bij míj geweest”, zo vroeg hij zich af, “als ik inderdaad stil was blijven liggen, spiritueel was klaargekomen in plaats van ….”.
“Oh God”, zuchtte hij, “waarom had ze me niet daarvoor al afgewezen. En waarom moest ze me daarna nog confronteren met haar liefde voor De Peuter, haar verlangen zelfs naar een klein Peutertje met die vent. En daarna naar WebcamgirlZ, er vandoor zelfs met Van Dooren!!”. 
Met zijn vuisten rammend op de lampenkap van zijn hersenpan probeerde hij in zijn gedrogeerde kop alle stoppen en lichtcontacten uit te schakelen. Maar terwijl hij zelf trillend verschrompelde tot dwerg, werd die inwendige koplamp groter en groter. In het enorme projectielicht op zijn leven zag hij zichzelf weer als een uitgedoofde kaars op bed liggen, luisterend naar ‘Der Tod und das Mädchen’.
 “Ja, was ze maar dood. Maar dat was nog het ergste: ze leefde nog, maar met een ander”.Eindeloos ook zag hij zichzelf weer Schuberts strijkkwintet draaien. “Adagio celesta”, zo noemde hij het ‘merg- en beengedeelte’, dé treurmuziek in zijn rouwverwerking.  En nu ging zelfs God hem straffen. Waar waren de struiken die vroeger nog beschutting gaven? De stormwind gierde nu niet meer óver het park, maar raasde er dwars doorheen. Nee, God was geen zacht, suizend briesje, zoals Celesta hem met aria’s van Mendelssohn wilde bewijzen, maar een bulderende storm. Met oorverdovend gekraak zag hij twee bomen volledig instorten, terwijl luid krassende kraaien met nest en al als zwarte papiersnippers werden weggeblazen. Bij de vijver knapte daarna de hoogste boom van de stad compleet doormidden, gevolgd door de dikste beuk. Bezemstelen en takkenbossen vlogen door de lucht alsof het duivels en heksen waren die met één goddelijke windvlaag werden verjaagd uit een verdoemde stad.  
Het licht tintelde tot in de toppen van zijn knoflooktenen. En in zijn beleving werden in dit stadium van verlichting zelfs die uiteinden van zijn schokkende lijf gezuiverd van alle stank, shit en smerigheid.
“Uw licht worde geheiligd”, stamelde hij.
Daarop leek al het kromme in zijn leven te worden rechtgezet. Op een nieuw, hoger niveau nam zelfs Celesta hem als ‘verlicht’ weer in haar armen. En nu lachte hij niet meer om haar verhalen die hij voorheen als paranoïde had weggepimpeld. Hij luisterde nu serieus hoe raadsleden van Groen Links afslankpillen kregen waar ze juist dik van werden; hoe roddels over raadsleden tussen nota’s terechtkwamen, frustraties over Hans Smolders zelfs in een feuilleton op TilburgZ. Hij liet zich overtuigen dat de hele gemeenteraad gedrogeerd werd, kalmeringsmiddelen kreeg en ‘frauduline’, resulterend in schouderophalen slechts bij fraude en corruptie. Hij geloofde nu dat inderdaad in de als kruikenzeiker destijds versierde watertoren, precies in een behoefte creërende hoeveelheid, het drinkwater werd aangelengd met Schrobbelèr.
“Duizenden brieven komen in het gemeentehuis nooit op de plaats van bestemming”, zo hoorde hij Celesta nu met totaal andere oren. “Duizenden bomen worden gekapt, met als enig nieuwsfeit ‘bomen geplant’. En zodra een ambtenaar iets doorkrijgt, wordt hij overgeplaatst. Vooral geen kennis en ervaring, maar duur betaalde leugens, professionele misleiding. En dan die krankzinnige campagnes. Mijn beste vriendin wordt ontslagen wegens protest tegen het nieuwe, verplichte visitekaartje. Ze heet voortaan in dat gekkenhuis niet meer ‘Eef Rutten’, maar ‘Teef Trutten’.” 

Ja, nu begreep hij ineens dat gelach op de afdeling ‘Strategie’.

“De waarheid ligt op het kerkhof”, gierden ze, “en dat rechercheurtje krijgt hier zijn eigen Peuterspeelzaal voor DNA-onderzoek naar onze anale kunstwerken”.
Ja, nu was hem een licht opgegaan. Er was dusdanig stront aan de knikker dat de aandacht van De Peuter moest worden afgeleid naar letterlijke stront, een parkeerhol met letterlijke drollendraaierij. Maar de gewezen Neerlandicus zag alles nu in een ander licht: de Lindeboombarbarij, het Heuveleuvel, Aartsengel Aarts, Marieke Moordvrouw, het Wrattenzwijn, het Vreemankement, het Niet te Vretenplein. De Kromme besefte dat ex-vriendin en permanente zielenpijn Celesta destijds de waarheid had verteld over Moderne Industriestad, latere Mallversaties en corrupTie met een hele grote T.

Tekst: Henk Kuiper

Illustraties: Hjalmar van den Akker