Tilburg Virtueel

...in cultuurbreedste zin

TilburgZoap - Aflevering XI


Marg Vlemmix

Groggy van de gedachten die in zijn nuchtere kop bovenkwamen liep hij verder. Letterlijk en figuurlijk had hij nu “het licht” gezien, beter laat dan nooit! Eindelijk…thuis! Toen hij binnen kwam zag hij het lampje van het antwoordapparaat knipperen. Om te beginnen besloot hij eerst een flinke borrel in te gieten, en sneed een stuk van een homp kaas af die op het aanrecht lag te zweten. Zijn vochtige jas mikte hij richting bank. Nu eerst de zaak eens op een rijtje gaan zetten. Vanuit zijn leunstoel kon hij net bij het antwoordapparaat en tikte met zijn wijsvinger op de knop om de boodschap af te luisteren.

Normaal nam hij de moeite niet eens.
Toen de waarschuwende woorden door het apparaat uitgespuugd werden liet hij de borrel uit zijn hand vallen.
Sodeju, wat voelde hij zich ineens beroerd bij het horen van die stem! Hoe was die aan zijn nummer gekomen, en wat wist hij verder? Welk kunstje werd hem nu weer geflikt?
Maar vooral de woorden: “het gaat niet door” zaten hem helemaal niet lekker.
Hij was de baas, de enige baas, en liet de ander graag in de waan. Niets meer en niets minder.
Om eerlijk te zijn hoopte hij dat bij het opsteken van de volgende sigaar het raak zou zijn! En dat zijn dikke rode en vaak sacherijnige kop meteen goed aan flarden zou gaan. Roken kon heel ongezond zijn! Dachten ze nou echt dat hij alleen maar bij dat toilet bezig geweest was! Als het ware een sigaar uit eigen doos, dacht hij grinnikend. 

Op de plaats van het misdrijf was de technische recherche klaar met het onderzoek naar de “verse” voetsporen.
Tot zijn ontzetting vernam de Peuter dat het de voetafdruk van Hein was, zijn soms wat “zweverige en klungelige” assistent. Mede door het uiterlijk van Hein hadden buitenstaanders vaak niet door dat hij soms scherp en verrassend helder en duidelijk uit de hoek kon komen. Ook zijn superieuren hadden weinig sjoege van Hein’s deskundigheid.
Pas afgestudeerd, goedkoop en vers van de opleiding. Hij gebruikt tenminste zijn zintuigen nog, alhoewel…
Hein was met zijn lompe poten, maat 47, gewoon eerder die dag over het afzetlint heengestapt. Het deed er ook niet meer toe…dacht Hein, terwijl hij Wittebrood met de staart tussen de benen weg zag gaan. De Peuter had hem blijkbaar een flinke sneer meegegeven en stevig op zijn nummer gezet!

Door hun leidinggevende was Hein eropuit gestuurd om eens te polsen of er al schot zat in de zaak. Er moesten rapporten geschreven worden, en verantwoording afgelegd worden over de gemaakte uren. Uren die tot nu toe zonder resultaat waren.“En Fons”…vroeg Hein op vragende toon, “ze willen weten hoever je bent”.
“Blijkbaar is er iemand in de hogere regionen die heel zenuwachtig van je begint te worden”.
Fons, Fons, voor jou altijd nog Meneer Fons, wees de Peuter hem terecht.
Maar…zei hij goedig, ik zal je even bijpraten, het werpt misschien meer duidelijkheid op de zaak, ik wil jouw mening horen.
Hein krabbelde tijdens dat verslag wat aantekeningen in zijn blokje, en wierp ’n bezorgde blik op de Peuter.
Om eerlijk te zijn: ze willen eigenlijk dat je stopt met je onderzoek. Je hebt geen echte zaak Fons. Teveel vaagheden, teveel vermoedens, en te weinig tastbaars. En ben eens eerlijk, wat kost dit geintje de belastingbetaler wel niet? Doe me een lol zei de Peuter. Het enige wat ongeveer tastbaar is in deze zaak stinkt. Dat wil je niet eens in je handen hebben!

Oké, ik geef het toe… ik weet het ook even niet meer.

Ondanks de aanwijzingen van de afgelopen dagen lijkt het onderzoek vast te lopen.
Ik zie iets belangrijks over het hoofd, en mis gewoon steeds iets! Bovendien was er dus druk van bovenaf om de zaak voortijdig af te sluiten. Dat zat hem helemaal niet lekker.
Klassenjustitie ?! Als er iets was waar hij een hekel aan had, dan was het dat wel!
 
Hein keek nog eens door zijn aantekeningen en opperde voorzichtig het idee om nog eens langs het gemeentehuis te gaan. Hij wilde de Peuter niet in de wielen rijden, maar eigenlijk was alles daar begonnen. Misschien als ze de hele zaak met zijn tweeën nog eens door liepen? Gewoon punt voor punt…?

Op het stadhuis aangekomen wimpelde de Peuter de ambtenaar af die hen naar boven wilde brengen.
“We weten de weg, en zou u zo vriendelijk willen zijn om ons bezoek niet aan te kondigen?”
Enigszins bevreemd keek de ambtenaar hem aan, en legde de hoorn terug op het toestel zonder dat hij een nummer ingetoetst had.
 
Bovengekomen hoorden ze bluesmuziek op de bestuursetage. De deur van het vertrek van de burgervader stond open. Er was niemand binnen.
Uit ‘n kamer verderop in de gang hoorden ze opgewonden stemmen: Een ramp, een regelrechte ramp! Tilburg gaat hartstikke failliet als je zo doorgaat! Ik werk hier niet aan mee!Dit kun je echt niet maken!Je reinste volksverlakkerij!
Die woorden vingen ze op terwijl ze zich onzichtbaar naast de deur opgesteld hadden.
Ze keken tegen de rug van ons meske aan, Janneman lag met zijn lange lijf in ’n stoel, maar wie sprak hier zo tegen de burgervader?
Toen het heethoofd de kamer uitstormde herkende ze de gemeentesecretaris.

Tekst: Marg Vlemmix
Illustratie: Hjalmar van den Akker