Tilburg Virtueel

...in cultuurbreedste zin

TilburgZoap - Aflevering XXV


banner-25
"Shit", zuchtte de Peuter op het bureau aangekomen. De bureauleiding had aan al zijn wensen voldaan, had werkelijk aan álles gedacht. Tegen de muur onder het raam stond een brits uit één van de VIP-cellen. Een min of meer luxueus bed met bloemetjeshemel. In de hoek stond een chemisch toilet en zelfs de cooler uit diezelfde VIP-cel bleek rijkelijk gevuld. "Sterkte, Fons", kraaide Havickx' stem door de intercom, "ik ga van een lekker vrij weekje genieten, maar zal af en toe aan je denken".

"Pleur op, Havickx", siste hij tegen de bureaulamplamp, "ik deze week, jij de volgende week".

"Als het nodig is, Fonsje, als het nodig is. Ik weet zeker dat jij de zaak deze week tot een goed einde weet te brengen".
De Peuter hoorde gegniffel, schakelde de intercom uit en ging uitgeput op de stretcher liggen. Met zijn blik op oneindig zocht zijn hand de afstandbediening op het tot nachtkastje omgetoverde campingtafeltje en drukte op de startknop van de webreceiver. Er verscheen eerst een waarschuwing op zijn door het Bureau Bijzondere Bijstand van Sociale Zaken voorgefinancierd kamerbreed plasmascherm: De server kan overbelast zijn. Na 20 seconden verscheen er beeld. Maar de Peuter bevond zich inmiddels al in een diepe slaap...
Hij werd ruw gewekt door de telefoon, die hij plompverloren in de wijnkoeler had gezet. "Godver...!", gromde hij binnensmonds. Zijn blik viel weer op het plasmascherm, waarop de beelden niet meer leken te wisselen. Zoek de verschillen, dacht hij gemelijk.
"De Peuter, met wie heb ik het genoegen?", verbeet hij zijn ergernis zo goed en kwaad als het ging.
"Woensdag, De Peuter, woensdag", klonk het uitdagend.
"Woensdag? Jij bent over drie dagen", bitste hij nog meer geïrriteerd.
"Over drie dagen? Nee, woensdag!", antwoordde de stem nu wat onzeker.
"Jij bent Vrijdag, zielig onderdeurtje, onderkruiperig mensenetertje. En ik ben Daniel Defoe. En laat mij in Robinson's naam met rust en doe die Peerke Donders daar van mij de groeten". Hij wilde ophangen, maar de stem was zijn oor te vlug af.
"Woensdag, de Peuter. En drijf niet de spot met mij. Tot nu toe ben ik je steeds te slim af geweest. Woensdag gebeurt het. Woensdag laat ik 't zakken. Woensdag strijk ik 't. Ik zet heel Tilburg voor schut...".
"Hmmm... je laat woensdag je broek weer eens zakken, plafondschijtertje? Het verbaast mij nauwelijks dat ie daarna weer een fikse strijkbeurt nodig heeft!"
De Peuter smeet de hoorn op de haak. Hij kende die stem verdomme, die stem met die gemankeerde t. Hij zakte weer achterover. In diep gepeins. Op de hielen gezeten door de slaap waarvan hij door die vervloekte plafondtoerist niet genoeg had kunnen krijgen. Wat hem nog het meest ergerde, was zijn eigen irritatie... "En nu is het afgelopen...!!!", schreeuwde de intercom. 

Fons de Peuter, oud BVD-man, AIVD-pensionaris en vanaf heel spoedig poltitierecherchant-in-eeuwige-ruste, herkende de stem van burgervader Vreeman. 
"TuhTuhTuh...", probeerde hij verzoenend maar nauwelijks hoorbaar tegen de bureaulamp, die vanuit schrik begon te flikkeren.
"Hang verdomm... verdorie niet de Jansen en Janssen uit. Stuur alle patrouillewagens naar die roeivijver, ruk uit, af en aan, maar ik wil die T-zak weer omhoog! Die T is alles wat we hebben. Al verzuip ik er zelf in, maar die T-lap zal godverdegodverde... ok, ok, excusez le mot de Peuter... die zal weer hangen... hangen zal ie, hoor je me...!?"
"Jansen?... Janssen!?", mompelde de Peuter nu tegen zichzelf, "de oud-wethou...? Jezus, dat ik niet eerder aan Hem gedacht heb!"...

Tekst: Alard Govers

Illustratie: Hjalmar van den Akker