Tilburg Virtueel

...in cultuurbreedste zin

WE ZIJN AL LANG ONDERWEG


Golven klotsen tegen de boeg.
Iemand zegt dat de zee niet ver kan zijn.

Verwarring begeleidt ons.
We laten water achter,
maar komen niet vooruit,
de oevers schuiven met ons op.

We varen vrijwel ononderbroken.
Gooien doden overboord, wassen onze haren.
Kijken naar tekens.

Af en toe gaan we aan land,
vragen waar we ons bevinden.
Ook die aan land weten het niet.
We letten op de klank van stemmen,
hopen dat die iets verraadt.

De streken waar soms over wordt gesproken,
schroeien onze slaap.
Waarom ademen we hier, en niet daar?
Was er een kaart ooit?
Waar is die blijven liggen?

We hangen met ons hoofd over de reling,
onze handen geklemd om de rand,
en zien gezichten.
Met wilde blik
kijkt iemand naast ons om zich heen.

Soms houdt een varende het niet meer uit
en stort zich in de diepe hemelput,
langs vogels dwars door wolken.

Hoe kan water zoveel zwaarte dragen?

De diepte doet ons duizelen.
We geven onze ogen rust met horizon,
vergeten wat er is gebeurd, negeren kreten,
het geruis van voeten die door water slepen.

We maken plannen.
Schrijven verhalen over wat ons overkomt.

We zwijgen over ons vermoeden, te gruwelijk voor woorden:
dat we niet van onze plaats bewegen.
Dat de koers die we steeds varen, niet bestaat.
Dat er zelfs geen boot is.